‘Ik vertrek naar het buitenland.’
Een vriend had in een advertentie een huis met flinke tuin gespot in Normandië. Hij was er vol van: ‘Ik ga dat huis kopen.’
Met z’n tweeën gingen we op pad, want een huis moet je wel zien, voordat je het koopt. We hadden tijd en spraken af via een omweg naar Normandië te reizen. Die omweg ging via Saint-Benoît-sur-Loire. Het klooster van dit dorp is bekend vanwege zijn eeuwenoude crypte met relikwieën van Sint-Benedictus. We zouden er 3 nachten verblijven en meeleven op het ritme van het klooster. Dat betekende aanwezig zijn bij de diensten gedurende dag en avond en mee-eten met wat de pot schaft aan de gastentafel. Het 6 maal bidden per dag was niet verplicht en zo baden en zongen we een stuk minder dan de broeders. Het avondeten was een eenvoudige maaltijd. Door de broeders in recordtempo genuttigd. Zij waren binnen 7 minuten klaar met eten en na de vaat op een centrale plek te hebben gedeponeerd, verdwenen ze achter een deur in een ruimte, waar wij niet gewenst waren. Aan de gastentafel werd door ons twaalven ingetogen gesproken. Buiten voor de deur hadden we geanimeerde gesprekken, voor sommige deelnemers met een sigaretje in de hand. We lieten voor de kerk Gods water over Gods akker lopen en praatten over koetjes en kalfjes.
Het dorpscentrum was om de hoek en daar lag een leuk terras aan de doorgaande weg. De Loire was dichtbij en nodigde uit tot wandelingen langs de oever naar Germiny-des-Prés. Dat dorp had een heel bijzondere kapel. Er liepen toeristen rond, die al snel een familierestaurant binnengingen voor een lunch met typische streekgerechten. Wij ook. Het leven was goed binnen het klooster én buiten de kloostermuren.
Maar we waren toch op weg naar Normandië? We vertrokken de vierde dag. Na een rustige rit, met in het laatste uur alleen natuur en weides om ons heen, bereikten we het droomhuis. Het lag 100 meter verwijderd van de onverharde landweg. De vogels floten, het was er muisstil. De sleutel lag onder een bloempot en we betraden het goed onderhouden huis, dat al een tijdje onbewoond was. Het voelde koud aan, maar hier was een warme plek van te maken. Het bijbehorende weiland was inclusief een vijver, voor een echte natuurduik.
Voor een paar dagen stilte in een klooster kies je bewust. De diepe stilte van het Franse platteland, ver verwijderd van ALLES, was een te grote uitdaging. Mijn vriend met emigratieplannen koos uiteindelijk voor een appartement in Ransdaal in een boerenhoeve. Tussen beide wereldsteden Heerlen en Maastricht in. Hij is er gelukkig.
Door Wim Kallen