Bijna vijftig jaar geleden begonnen ze vanuit ‘hun’ Christian Kisselsstraat met een zaate hermenie, die ze ‘Niks dao’ noemden. Perfecte naam, want noten lezen konden de mannen van Niks Dao niet. Dankzij veel oergezellige repetities groeide Niks Dao uit tot de lieveling van carnavalesk Sittard: ,,wij speelden de echte ouwe carnavalsliedjes, die mensen zo graag horen.” Na tal van concertreizen, een tv-optreden in ‘Op losse groeven en veel eigen bonte avonden houdt Niks Doa ermee op. De benen willen niet meer, en carnaval is niet meer zoals het ooit was. ,,We zijn nu ‘Niks dao nao de kloeate’. Maar de vrolijke muziek van onze vriendschap gaat door.”

Jonge jongens waren ze. Midden-twintigers, pas getrouwd en aan het begin van hun carrière. Het klikt meteen wanneer ze elkaar treffen in de Christian Kisselsstraat, toen net even oud als zijzelf. Volwassen maar de kwajongenstijd ligt niet ver achter ze. ,,We zagen al die zaate herremeniekes in Sittard opkomen. Dat wilden we ook wel. Muziek maken met vrienden en ondertussen veel lol maken”, zegt de nu 77 jarige Marcel Hermanns, een van de eerste leden van het door Toon Kohlen (76) en Bert Brugmans (85) in 1979 opgerichte zaate herremenieke. ,,Bert, die uit Renkum als leraar naar Sittard was gekomen, is de oprichter. Geweldige leuke ideeën had Bert altijd, hij was de grootste kwajongen van allemaal.” 

Omdat ze nog niet veel kaas hebben gegeten van notenlezen en ze pretentieloos muziek willen maken voor hun eigen plezier, noemen ze hun herremenieke ‘Niks Dao’. ,,We waren een vriendenclub. Begonnen met niks, ieder moest een eigen instrument aanschaffen, en we speelden met cijfertjes boven de notenbalk. Enkel muziek, die we zelf leuk vonden. Als het publiek dat leuk vond, dan was dat meegenomen maar daar ging het ons niet om. Eigenwijs ja,” zegt Gerard de Lange (71). ,,Eigenwijs, precies zoals thuis,” vult zijn vrouw lachend aan. 

Cijfertjes

Gerard haalt zijn broers erbij: eerst Klaas (69) en later Stef (75). ,,Toen ik zag dat iemand op de eerste avond, dat ik een carnavalsavond met Niks Dao meemaakte, bier in een laars goot en die laars helemaal leegdonk, dacht ik: ‘hier wil ik bijhoren”, zegt Stef de Lange met een knipoog. Erna vinden ze in Richard Kengen een prima vaandeldrager. ,,Ze zochten een stevige jongen voor het vaandel en de dikke trom.” Nadien -,, na mijn geslaagde stage”- wordt hij rijp geacht voor een ander instrument. ,,We begonnen met 12 man, later werden dat er 14 en op het laatst 10,” zegt Gerard de Lange, die de repetities leidt -,,er moet toch iemand zijn, die lijdt, met een lange ij.” Arrangeur wordt Marcel Hermanns. ,,Want we moesten toch wat op papier hebben staan.” Richard Kengen geeft trots aan zowat alle functies bij Niks Dao te hebben vervuld. ,,Zelfs voorzitter ben ik nog geweest”, zegt hij. ,,Dat heeft ons veel bier gekost”, voegt Stef de Lange er ginnegappend aan toe. ,,Toch niet gek voor iemand die bijna geen noot kan lezen en altijd op cijfertjes speelde.” antwoordt Richard. ,,Cijfertjes is jouw sterke punt, Richard, jij kunt prima rekenen.” 

In het begin richt Niks Dao zich vooral op de carnavalsdagen, Sint Maarten en buurtfeesten. ,,We speelden nooit voor geld, enkel voor worst en bier”, zeggen de mannen van Niks Dao. ,,We kochten alles zelf, en we betaalden contributie. En als er iets was, waarvoor betaald moest worden dan was het gewoon ‘bijlappen”, voegt Marcel Hermanns eraan toe. Alleen de dikke trom koopt de club zelf. Dat maakt het makkelijker om iemand te vinden die zo gek is dat hij die zware dikke trom wil bespelen. ,,Op het laatst hadden we een hele goeie: iemand, die drummer was bij Baroesjko.”

Soep

Hoewel plezier maken voorop staat, wordt er wekelijks stevig gerepeteerd – altijd wel met een paar biertjes erbij en erna – bij eerst café Steuns in de Voorstad, vervolgens de Gouden Haan op de Markt, dan de Gats en erna in ’t Duvelke. ,,En zeker 37 jaar hebben we de zaterdag voor carnaval in de Platz in Limbricht gespeeld”, zegt Gerard de Lange. ,,Sittard had toen nog veel cafés, wat het carnaval ook zo mooi maakte. We trokken van café naar café, van de Voorstad naar de Oude Markt en de straten rond de Markt, en speelden daar onze nummers. Het publiek vond het prachtig want we speelden de hele oude nummers, waar velen zo van hielden. Jammer dat zoveel cafés zijn verdwenen, daarmee is ook het karakter van het Sittardse carnaval totaal veranderd,” geeft Marcel Hermanns aan. 

Vaste prik is lang het optreden in de Optoch hal op de dinsdag vóór carnaval. ,,Als de prins soep kwam uitdelen aan de wagenbouwers, waren we daar bij. Dat deden we uit eigen beweging omdat we dat zo leuk vonden voor de wagenbouwers, niet omdat de Marotte ons dat vroegen,” zegt Richard Kengen. Ze zijn dan wel gehecht aan ‘hun’ Sittard en het lokale carnaval maar daarmee houdt het niet op voor de lollige vriendenclub, ze gaan graag en veel buitengaats. ,,We hebben zeker zo’n 30 concertreizen gemaakt, naar Duitse wijnfeesten, Amsterdam, Luik, Volendam en Monnikendam”, geeft Gerard de Lange aan.

Trots vertellen ze over hun tv optreden in het programma Op Losse Groeven. ,,Jos Laumen, die contacten had met de programmamakers van Op Losse Groeven, zei tegen ons: ‘Is Op Losse Groeven niks voor jullie’. Dus reisden we naar de tv studio in Aalsmeer en waren ineens op tv,” vertelt Marcel Hermans lachend. Hilarisch is ook hun ‘flash mob’ op de Grote Markt in Brussel. ,,Het was die dag hartstikke druk op de Grote Markt. Obers zeiden geen plaats op het terras te hebben voor 12 personen. Bert Brugmans ging op een vrijgekomen terrasstoel zitten en bestelde 12 pils. Erna kwamen wij er bij, en begonnen te spelen – want we nemen steeds onze instrumenten mee, er is wel iemand is die ons vraagt iets te spelen -. We klimmen op een bühne waar net die befaamde Japanse trommelaars hadden gespeeld. Het publiek vond het fantastisch totdat we de Marseillaise speelden. Gejoel en gefluit want van het Franse volkslied moeten ze niks hebben. Dat was het enige foutje bij het prachtige optreden in hartje Brussel”, geeft Richard Kengen aan. ,,Iedere concertreis gebeurde er wel iets onverwachts en verrassends. Komt ook doordat we vooraf weinig regelden, het meeste gebeurde spontaan. Dat was ook het leuke van alles”, zegt Marcel Hermanns. Als een ,,geintje” bezien ze ook de cd, die ze in 1997 opnemen. ,,Geen echte cd, maar namaak. Maar wel met een Duits fluitistenkorps erbij.”

Geit

Veel stilzitten is er al die jaren niet bij voor de vriendenclub. Elk jaar houden ze een eigen zitting, in de kelder van Toon Kohlens huis en later in de garage van Bert Brugmans. ,,We roepen dan een eigen prins uit, die ook een prinsenreceptie moet geven, terwijl de vrienden van de prins een cadeau en een speech voor hem maken,” geeft Gerard de Lange aan. ,,Ook de vrouwen worden daarbij uitgenodigd om sketches te doen” geeft hij aan. ,,Want je moest na zo’n enerverende avond van lol, sjpas en de nodige biertjes ook nog heelhuids thuis zien te komen”, voegt Richard Kengen er met een knipoog aan toe. Ook houdt Niks Dao elk jaar een alternatief schuttersfeest bij een van de leden thuis of in diens garage. ,,Met alles hebben we geschoten, met katapulten, blikjes, en meestal met windbuksen”, aldus Marcel Hermanns. Wie koning was moest ook een koningin hebben. ,,Dan werden de dames achter een plank verstopt. Door een gat in de plank moesten ze hun hand met daarin een wortel steken. Dan kwam er een geit binnen en waar de geit stopte en in de wortel beet, werd de dame met die wortel de nieuwe koningin”, vertellen de Niks Dao-ers lachend.

Brok

Maar na 47 jaar is het op. Niet dat ze elkaar niks meer te vertellen heeft, maar de meesten zijn 70 plus, het massale van carnaval van nu spreekt hen niet meer zo aan en steeds meer zaate herremeniekes houden er mee op. ,,We hebben geprobeerd te verjongen maar dat is niet gelukt. Het is goed geweest nu, we hebben prachtige ervaringen gehad met elkaar”, zeggen ze allen. ,,We kijken terug op 47 jaar vol hoogtepunten,” geeft Gerard de Lange aan. ,,We hadden wel een brok in de keel toen we besloten de stekker eruit te trekken. Het is geen Niks Dao meer, maar Niks Dao nao de kloeate”, voegt Marcel Hermanns er met een grimlach aan toe.

,,Mooi is dat Jiri van de Platz in Limbricht voor ons een afscheidsmaal gaat bereiden. Dan zijn ook Marcel Hougardy, Harold Niessen-Bassi, Leon Janssen, Jan Nelissen, Toon Kohlen, René Meekels en Klaas en Stef de Lange erbij”, geeft Richard Kengen aan. ,,Niet echt nao de kloeate zijn we want onze vriendschap blijft,” besluit Gerard de Lange. 

 

Door Ray Simoen